Beste lezers, u ziet hier het Kuringse equivalent van The Five Blind Boys Of Alabama, een fameus Amerikaans kwintet dat blijkbaar het eeuwige leven heeft. Behalve misschien dat de heren op deze foto niet met vijf maar met zes zijn, dat ze niet blind zijn, en niet uit Alabama komen maar uit Kuringen. De huidskleur klopt ook niet. Maar verder; helemaal juist. Oké, die vijf blinde Alabamezen spelen gospel, en die van Kuringen spelen jazz. Verder klopt alles. Op de groepsnaam na, dat ook wel.
Waar Beeldspraak naartoe wil, is het volgende: oude muziekgroepen die nog eens samen komen, leveren nagenoeg altijd goeie foto’s op. En minstens een handvol sterke verhalen. Of ze ook nog steeds deftige muziek maken, staat open voor discussie - geloof me als ik zeg dat ik weet waarover ik spreek. Die van Kuringen heetten lang geleden The Lowland College Band, en ze openden op 5 september 1965 de allereerste editie van Jazz Bilzen. Niet dat zij daarvan destijds al het historische belang beseften, maar achteraf bekeken was het wel een dingetje.
Heerlijk trouwens om te lezen hoe binnen de organisatie al snel een niet te helen wonde werd geslagen toen Jazz Bilzen gaandeweg richting rock en psychedelische pop evolueerde, en de jazzmannen - een niet te onderschatten drukkingsgroep binnen het spectrum van muziekbeoefenaars - teleurgesteld het actieterrein verlieten. Strikt genomen betrof het een schisma tussen mannen met witte rolkragen en ringbaardjes die pijp rookten in kroegen met lage plafonds, en langharig tuig met zelfgerolde vuurvogels die tripten op purperen klanken van vroege Pink Floyd en de zopas op ellentriek aangesloten Bob Dylan.
Is nooit echt meer goed gekomen tussen beide kampen.
Soit. De jazzmannen van The Lowland College Band leven nog, en ze kwamen vorige week samen voor een reünie. Eerlijk waar, daar had ik bij willen zijn. Waarom? Omdat je dat kan zien aan de foto. Hier staan ze nog netjes opgelijnd met de kostuumjasjes op ordentelijke wijze. Ik zou me al sterk vergissen mocht dat twee uur later nog zo zijn. Het getuigt dan ook van veel levenswijsheid én inzicht in de wereld van muzikanten om de zes oud-bandleden een naamplaatje op te spelden. Er komt op zo’n reünie-avond namelijk toch altijd een moment waarop je denkt “Ik heb nog ooit zijn lief afgepakt, dat weet ik nog. Maar hoe heet hij nu toch ook alweer?”